In de commissie onderwijs en scholenbouw van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie van 27 mei 2026 werden heel wat vragen gesteld over de implementatie van het Vlaamse onderwijsbeleid in Brussel (pioniersscholen, de aanpak rond taalversterking en de opleiding van taalexperten, de selectie van inspiratiescholen en de invoering van aparte taalklassen, de “taalheldklassen”. Daarnaast werden ook vragen gesteld over de capaciteitsproblematiek in het secundair onderwijs en de ondersteuning van initiatieven rond het voorkomen van schoolverzuim en schooluitval.
Je kan de vragen van de raadsleden en de antwoorden van minister De Smedt hier raadplegen.
In het debat over de taalklassen zei minister De Smedt nog het volgende: “De thuistaal en de rijkdom van de thuistaal is een belangrijke hefboom bij het aanleren van het Nederlands. Dat staat zonder enige discussie vast. (…) En dat het Nederlands de onderwijstaal is en dat het Nederlands dé centrale voertaal is binnen het Nederlandstalig netwerk, het N-netwerk, waar we allemaal in de VGC in Brussel zo fier over zijn, staat buiten kijf. (…) De enige manier om ervoor te zorgen dat iedereen de kansen, de oefenkansen krijgt, en de groeikansen krijgt om talenten te ontwikkelen in ons Nederlandstalig onderwijs, is ervoor te zorgen dat wij op alle mogelijke hefbomen gelijktijdig inzetten. En dus ook op de taalrijkheid van die thuistaal om vervolgens dat Nederlands als onderwijstaal goed te verankeren.”
***
Andere verslagen van de Raad vind je hier.

Eén opmerking over 'Implementatie Vlaams onderwijsbeleid in Brussel (Raad VGC, 27 mei 2026)'