Education in Brussels & Community Schools

in Dutch: Onderwijs in Brussel is… MEER brede school !

Community Schools in Brussels started in 2006 with a few pilot projects. The Flemish Community Commission (VGC) then developed a vision and subsidy framework (2012) and a support structure in the Brussels Education Center. Thanks to this subsidy framework, 29 Community Schools have now been developed in Brussels. These Community Schools are increasingly successful in broadening and strengthening the learning and living environment of Brussels children.

It is time to take a new step. In the next policy period (2019-2024) it is important that we further develop the Community School in Brussels in order to give every child the chance to grow up in a broad learning and living environment.

More information about Community Schools in de brochure “Community Schools in Brussels”:

“Children in Brussels are growing up in an environment that is becoming more complex by the day. In Brussels, challenges such as multilingualism, diversity, social inequality and poverty also come into play. This metropolitan reality makes that children need a fair amount of competences to help shape their lives and environment. To give them the competences they need, an integrated and coordinated collaboration between education, welfare, youth, sports, culture, care … is needed. More and more schools, organisations and local authorities have become convinced of the power a Community School can have when it comes to giving children a chance to reach their full potential.

“Describing the Community School in all its facets and richness is not an easy matter for its format and content are very much dictated by the local context. The definition wants to leave enough room to allow for a tailored interpretation of the concept but also establishes three sub-aspects that distinguish the Community School:

  • Maximum development opportunities
  • A broad learning and living environment
  • A wide network”

“A qualitative Community School aims to enhance children’s and youngsters’ development in five areas.

  • Health
  • Safety
  • Talent development and funSocial participation
  • Preparing for the future”

Read more…

Onderwijs in Brussel is… MEER Brede School !

Brede School in Brussel startte in 2006 met enkele proefprojecten. De VGC ontwikkelde daarna een visie en subsidiekader (2012) met een ondersteuningsstructuur binnen het Onderwijscentrum Brussel. Dankzij dit subsidiekader werden ondertussen 29 Brede Scholen in Brussel uitgebouwd. Deze Brede Scholen slagen er steeds beter in om de leer- en leefomgeving van Brusselse kinderen en jongeren te verbreden en te versterken, én hen breed te laten leren.

De huidige Brede Scholen lopen tegen een aantal grenzen aan. Het is tijd om een nieuwe stap te zetten. In de volgende beleidsperiode (2019 – 2024) is het belangrijk dat we de Brede School in Brussel verder kunnen uitbouwen om ieder kind en jongere de kans te geven op te groeien in een brede leer- en leefomgeving.

Er zijn ondertussen heel wat interessante ideeën en pistes ontwikkeld vanuit de VGC én het werkveld (oa bredeschoolcoördinatoren) om Brede School in Brussel in de toekomst nog krachtiger uit te bouwen.  De verschillende actoren van de Brede School in Brussel (bredeschoolcoördinatoren, organisatoren, partners, VGC/OCB,…) moeten de komende periode de kans krijgen en nemen om samen te investeren in de ontwikkeling van dit nieuwe verhaal… MEER Brede School in Brussel!

Over volgende principes bestaat alvast een grote éénsgezindheid:

  1. De VGC-visietekst van december 2010 blijft de leidraad voor de toekomstige bredeschoolontwikkeling.
  2. Alle kinderen en jongeren in Brussel moeten de kans krijgen om deel uit te maken van een bredeschoolnetwerk. De meest kwetsbare kinderen en jongeren verdienen extra aandacht.
  3. Alle scholen van het Nederlandstalig onderwijs in Brussel moeten deel uitmaken van een bredeschoolnetwerk en hebben aandacht voor breed leren. Er moet rekening gehouden worden met de draagkracht van scholen.
  4. Er moet een evenwicht gezocht worden tussen de uitbouw van bovenlokale/regionale bredeschoolnetwerken enerzijds en lokale werkingen anderzijds.
  5. Centraal tewerkgestelde, maar lokaal actieve bredeschoolcoördinatoren spelen een centrale rol bij de ontwikkeling, het onderhouden en verankeren van het bredeschoolnetwerk.
  6. De interne organisatie van de bredeschoolnetwerken moet er toe leiden dat er aandacht is voor gelijkwaardigheid van partners en sectoren; kwaliteit en doelgerichtheid;

Hieronder nog de link naar de bredeschoolbochure van het Onderwijscentrum Brussel en een getuigenis van bredeschoolcoördinator Jana

Onderwijs in Brussel is… het EDUNEXT leerfestival 2019!

Brussel was goed vertegenwoordigd op het Edunext Leerfestival 2019 !

…met een verhaal van het Lucerna INNOVA college Brussel (Anderlecht) – Yildirim Fevzi

Werken aan de toekomst van het onderwijs is werken aan de toekomst van onze kinderen, en vooral werken aan de toekomst van onze snel veranderende samenleving. De ‘sens of urgency’ is groot. ​Ons onderwijs moet meer dan vandaag oog hebben voor de talenten van leerlingen en iedere leerling uitdagen​ om te excelleren op die terreinen waar zijn talenten zich bevinden en manifesteren. Individuele begeleiding op school, waarbij er ingespeeld wordt op de specifieke noden van elke leerling, is dan ook een must. Lucernacollege Campus INNOVA wil met een brede en diepe samenwerking met verschillende stakeholders een breed draagvlak creëren en alle actoren inschakelen om samen mee te denken en de maatschappij van de toekomst vorm te geven.

Meer info op de website van Campus Innova.

Innova3

…met een verhaal van de Tienerschool Brussel (Anderlecht) – Winnie Smagghe

Na 3 jaar intense voorbereidingen begon Tienerschool Brussel met een nieuw schoolconcept voor 10 tot 14-jarigen, een nieuwe infrastructuur, een nieuw lerarenteam en een nieuwe leerlingengroep. Dat was kicken en schrikken. Tienerschool Brussel stelt jullie haar concrete manier van werken voor, maar ook de weg die tijdens de voorbereidingen werd afgelegd. Je krijgt een nuchtere en eerlijke inkijk in de evaluatie van het eerste trimester en de manier waarop de Tienerschool daarmee omgaat. Smullen voor schoolontwikkelaars!

Meer info op de website van de Tienerschool of op de website van het Onderwijscentrum Brussel.

download

…en ikzelf mocht een verhaal brengen over Breed leren als antwoord op actuele onderwijsuitdagingen, een verhaal over kinderen in de stad en onderwijs op maat van elke leerling.

Bekijk mijn presentatie hier:

L’enseignement bruxellois et les fonctions d’un bon enseignement !

(traduit du néerlandais: Onderwijs in Brussel is… ‘the beautiful risk of education’ !)

Un bon enseignement implique un risque (Gert Biesta) !

En effet, l’enseignement n’est pas uniquement une question de input & output, c’est surtout une question de relation entre l’enseignant et l’élève. C’est dans cette relation que l’enseignement a lieu. Enseigner est une tâche active de l’enseignant avec des finalités bien précises.
Quelles sont les fonctions/les finalités de l’enseignement? Biesta propose trois domaines :
  1. Fonction de qualification : acquisition des connaissances, des compétences, des attitudes,…;
  2. Fonction de socialisation : introduction des traditions de la société, acquisition d’une identité,…;
  3. Fonction de subjectivation : formation de qualités telles que l’indépendance, l’esprit critique, la responsabilité, l’autonomie,…

En conclusion, un bon enseignement doit toujours avoir un impact dans chacun de ces domaines. L’enseignant doit enseigner dans cet objectif!

biesta

Onderwijs in Brussel… vraagt LEIDERSCHAP! (leestip)

Verderbouwend op mijn artikel over transformatief leiderschap (Onderwijs in Brussel is… TRANSFORMATIEF leidinggevende directeurs), breng ik het boek “Onderwijs vraagt leiderschap” (2012) onder de aandacht. Het boek inspireert zich oa op het werk van Mathieu Weggeman over leiding geven in organisaties met kenniswerkers: leiding geven aan professionals betekent ruimte en vertrouwen geven, er alleen zijn op het juiste moment. Zijn op onderzoek gebaseerde visie heeft Weggeman neergeschreven in “Leidinggeven aan professionals? Niet doen!” Het boek is ook voor mij en het Onderwijscentrum Brussel een inspiratiebron om onze organisatie vorm te geven.

(lees verder onder de foto)

De leerkracht maakt het verschil, meer dan welke ingreep ook ! Dit betekent dat leiderschap in onderwijs moet inzetten op elementen die de kwaliteit van de leerkracht positief beïnvloeden.  Dit vraagt onderwijskundig en persoonlijk leiderschap.

De auteurs benoemen 8 aspecten van persoonlijk leiderschap in onderwijs.  Ik herken binnen deze 8 aspecten ook de 4 I’s van transformatief leiderschap: Inspirational motivation & Idealized influence ; Individualized consideration; Intellectual stimulation”.

  • collectieve ambitie

Schooldirecteurs ontwikkelen samen met hun mensen een collectieve ambitie en actualiseren die op regelmatige basis. Dit aspect gaat over waarden, visie, doelen, toekomstperspectief, ambitie,… Collectieve ambitie leeft en is voortdurend in beweging. Het vormt de motor van de school.

  • inspireren

Schooldirecteurs inspireren medewerkers en betrekken hen bij de strategie. Dit aspect gaat over authenticiteit, betrouwbaarheid, passie,… Inspireren gebeurt in samenwerking en bundelt de krachten/talenten van de school.

  • communiceren

Schooldirecteurs communiceren op tijd en eerlijk, ze zijn aanwezig. Dit aspect gaat over luisteren, ondersteunen, persoonlijk contact, verbinding,… Communiceren is groeien in interactie.

  • resultaatgerichtheid en feedback

Schooldirecteurs zijn duidelijk over het resultaat en geven feedback.  Dit aspect gaat over duidelijkheid creëren over de ‘wat’ en autonomie geven voor de ‘hoe’.  Resultaatgerichtheid en constructieve feedback zijn pijlers van kwaliteitsbewaking op school.

  • assertief optreden

Schooldirecteurs treden assertief op tegen medewerkers die niet goed (meer) zijn in hun taken.  Dit aspect gaat over situationeel leiderschap en verantwoordelijkheid nemen.  Assertief optreden richt zich op zwakke schakels in de ketting.

  • hitteschild zijn

Schooldirecteurs durven te functioneren als hitteschild tegen de ruis van ‘boven’ en van ‘opzij’.  Dit aspect gaat over filteren van de steeds wisselende vragen en verwachtingen die op onderwijs afkomen.  Door te functioneren als hitteschild kan de school zich blijven richten op de collectieve ambitie en het primaire proces.

  • gezag, dienend en bescheiden

Schooldirecteurs hebben een gezaghebbende, maar tegelijkertijd ook dienende en bescheiden houding.  Dit aspect gaat over uitdagen en ondersteunen, eisen en waarderen, luisteren en vooruitkijken,…  of zoals Weggeman het verwoordt: “ruimte en vertrouwen geven, er alleen zijn op het juiste moment”.

  • flow

Schooldirecteurs sturen op flow, dus op vakdeskundigheid en plezier in het werk.  Dit aspect gaat over betekenis geven, successen vieren, verbinden van de persoonlijke ambities en talenten met de collectieve ambitie van de school,…

Het boek past de 8 aspecten niet alleen toe op de relatie schooldirecteur – leraar, maar ook op de relatie leraar – leerling en school – bestuur. In de bijlage van het boek vind je ook een scan die kan helpen om de ontwikkeling van de verschillende aspecten op school in kaart te brengen.

Via deze link naar een LinkedIn bericht, vind je een knappe visual die het boek helder samenvat…

…én je vindt het boek natuurlijk in de Onderwijsbibliotheek van het Onderwijscentrum Brussel!

Onderwijs in Brussel is…VERBINDING maken!

“For children in poverty, success in school is a matter of life and death, and they need mature teachers who have a great deal of knowledge about their subject matter, but who can also relate to them.”, Dr. Martin Haberman, 2004

Natuurlijk moet een leerkracht over (vak)didactische vaardigheden beschikken, een klas kunnen managen, inzicht hebben in leerplandoelstellingen, een positief leerklimaat kunnen creëren, differentiërende maatregelen kunnen nemen,…

Bovenal moet een leerkracht verbinding kunnen maken. Verbinding met kinderen. Verbinding met jongeren. Verbinding met ouders. Voor een leerkracht in Brussel, die soms weinig voeling heeft met opgroeien in een grootstedelijke context, is dit niet makkelijk. Het vraagt van deze leerkrachten heel wat extra inspanning om de kinderen, jongeren en hun ouders te leren “kennen”, zodat zij échte verbinding kunnen maken. Gelukkig hebben we in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel heel veel goede leerkrachten, die hier in slagen. Maar helaas, we hebben er onvoldoende en bovendien te weinig blijvers.

Lees ook: New meta-analysis shows how teachers can strengthen their relationship with their students.

Dr. Martin Haberman heeft heel wat onderzoek verricht naar succesvolle leerkrachten in moeilijke grootstedelijke contexten. Hij kwam tot de conclusie dat effectieve en blijvende leerkrachten in een grootstedelijke context deze verbinding kunnen maken en vaak meerdere van volgende kenmerken vertonen:

  • leven, werken of onderwijs gevolgd hebben in een grootstedelijke omgeving;
  • zelf ouder zijn of uitgebreide relaties uitgebouwd hebben met kinderen;
  • tot een minderheidsgroep behoren;
  • een andere opleiding hebben dan (alleen) ‘onderwijs’;
  • andere werkervaringen gehad hebben vooraleer de job als leerkracht op te nemen;
  • ervaringen hebben (bv. via vrijwilligerswerk) met kinderen van diverse achtergronden;
  • professionaliseren via werkplekleren;

De grote uitdaging van het leerkrachtentekort en verloop indachtig, moeten we – naast de intensieve ondersteuning van de huidige leerkrachten – inzetten op het aantrekken van leerkrachten die deze kenmerken vertonen én het grote potentieel van ‘neveninstromers’ aanboren. Het is sowieso zinvol voor het volledige schoolteam om leerkrachten met dit profiel in het team op te nemen!

Ketjes met Talent (van VGC Onderwijscentrum Brussel – Lesgeven in Brussel) wil Brusselse scholieren laten kennismaken met het leerkrachtenberoep en wil op die manier een meer diverse en Brusselse instroom in de lerarenopleiding stimuleren.

Het project Baobab (van Eva vzw ism de Brusselse lerarenopleidingen, het Onderwijscentrum Brussel, het Huis van het Nederlands en de steun van de VGC) is een mooi voorbeeld van hoe Brusselaars als neveninstromer de weg naar de lerarenopleiding en het leerkrachtenberoep kunnen vinden.

debaobab

Teach for Belgium vormt en ondersteunt pas afgestudeerden en professionals tot inspirerende leraren in vakken waar een lerarentekort heerst (wiskunde, wetenschappen, Frans, Nederlands). Deze leraren worden ingezet in de meest kansarme scholen.

Ook alle (Brusselse) lerarenopleidingen ontwikkelen nieuwe pistes om studenten goed voor te bereiden tot effectieve leerkrachten in een grootstedelijke en meertalige context…

Effectieve leerkrachten in een grootstedelijke context aantrekken en in Brussel houden, wordt één van de grootste uitdagingen voor de komende beleidsperiode!

L’enseignement bruxellois et le multilinguisme…

(traduit du néerlandais: Onderwijs in Brussel is… op zoek naar MEERtaligheid!)

Ne vous attendez pas de ma part à un plaidoyer inconditionnel pour un enseignement multilingue à Bruxelles! La diversité de la population des élèves dans nos écoles bruxelloises exige une diversité d’approche en matière d’éducation multilingue.

La langue de l’école (français ou néerlandais) est-elle la langue maternelle de l’enfant, une deuxième ou une troisième langue? La langue prédominante, est-elle le français, le turc, le polonais ou le néerlandais? Quel est le statut des différentes langues dans l’entourage de l’enfant? Comment se passe le développement de la langue maternelle à la maison? Quel est le lien entre les langues et l’identité de l’enfant? Y a-t-il d’autres caractéristiques de l’enfant qui influencent l’apprentissage des langues? …

La situation linguistique complexe de nos élèves bruxellois nécessite une approche diversifiée. Il n’existe pas de modèle unique qui fonctionne dans toutes les écoles et dans tous les contextes. Si l’objectif est de «faire en sorte que tous les élèves bruxellois deviennent multilingues», une combinaison (1) de soutien en langue maternelle, (2) d’éducation qualitative dans la langue cible (français ou néerlandais), (3) de cours de langue précoce et/ou tardif, (4) d’EMILE (CLIL), (5) d’une stimulation linguistique en dehors des heures d’école, etc. sera nécessaire.

Oui, je veux et je crois que nous pouvons rendre nos élèves à Bruxelles multilingues, dans la mesure où nous parvenons à formuler plusieurs réponses à la situation complexe. Les écoles bruxelloises prennent déjà de nombreuses mesures: les écoles travaillent à l’élaboration de leur politique linguistique, les écoles utilisent les langues maternelles à l’école, les écoles appliquent les principes de l’EMILE, les écoles emploient l’éveil aux langues, etc.  Avant tout les écoles ont besoin d’un soutien politique, social et éducatif pour mettre au point une politique à plusieurs volets dans le domaine de l’enseignement des langues.

Le plan Marnix contribue à ce défi…

Le plan Marnix pour un Bruxelles multilingue est une initiative collective qui vise à promouvoir l’apprentissage précoce et cohérent de plusieurs langues au sein de l’ensemble de la population bruxelloise. Il privilégie le français, le néerlandais et l’anglais, tout en encourageant la transmission de toutes les langues maternelles.

logo_fr-a489d

Onderwijs in Brussel is… TRANSFORMATIEF leidinggevende directeurs!

31 januari, dag van de directeur…

Iedere dag staan onze Brusselse directeurs klaar om via gedeeld leiderschap onderwijs te maken voor leerlingen, voor leerkrachten, voor ouders! Als directeur investeren ze in het pedagogisch beleid, de administratieve en inhoudelijke opvolging van het personeel, het verzorgen van een goed contact met leerlingen en ouders, vergaderingen in de school en het bredere netwerk, organisatorische taken, praktische ondersteuning,…

Maar bovenal gaan onze Brusselse directeurs vanuit de complexiteit van onderwijs in een grootstedelijke en meertalige context transformatief (*) aan de slag door te inspireren, te ondersteunen en uit te dagen.

  • INSPIREREN

Directeurs inspireren leerkrachten door samen aan een schooleigen visie te werken. Een sterk schoolteam werkt vanuit gedeelde waarden en gezamenlijke doelen. De leerkracht werkt dagdagelijks vanuit deze visie en doelen aan een klaspraktijk die effectief en kwaliteitsvol is.

  • INDIVIDUELE AANDACHT

Directeurs vergroten de betrokkenheid van hun leerkrachten door belangstelling en respect te tonen voor hun professionele én persoonlijke ideeën, gevoelens en behoeften. Leerkrachten verdienen de nodige ondersteuning om hun deskundigheid verder uit te bouwen en te groeien in hun professioneel denken en handelen.

  • INTELLECTUELE UITDAGING

Directeurs dagen leerkrachten uit om te groeien in professionaliteit, stimuleren autonomie en creativiteit. Dit vereist een open klimaat waarbij leerkrachten van elkaar kunnen leren, bereid zijn om feedback te krijgen,…

(zie ook Bass, Two Decades of Research and Development in
Transformational Leadership, 1999: 4 I’s of Transformational leaderschip: Inspirational motivation & Idealized influence ; Individualized consideration; Intellectual stimulation)

Tot slot wil ik nog een filmpje delen van 10 jaar OCB: een Brusselse directeur aan het woord! Bewondering voor het reflectief vermogen, het enthousiasme en de bereidheid om te… transformeren!

(*) onderzoek “The importance of transformational leadership, teacher autonomy, and teachers’ self-efficacy” (2019, Jasja Valckx, Ruben Vanderlinde, Geert Devos)

(*) Tranformationeel leiderschap (Uit: masterproef van Rina Dauwens, 2012)

Rond de jaren ’90 verschoof de aandacht naar het transformationeel leiderschapsmodel. Dit vond zijn oorsprong in een publicatie van James Mc Gregor Burns in 1978 waarin hij de mogelijkheid van sommige leiders analyseert om de staf op een inspirerende manier te betrekken. Deze toewijding aan een gemeenschappelijke visie veranderde de organisatie door de ontwikkeling van de samenwerkingscapaciteiten om uitdagingen te overwinnen en ambitieuze doelen te bereiken (Burns, 1978 in Robinson, et al., 2008). Onderwijskundig onderzoek in opdracht van het Vlaamse Ministerie van Onderwijs en Vorming die peilt naar het welbevinden van de directies basisonderwijs, geeft aan dat transformationeel leiderschap een positieve invloed heeft op de schoolcultuur die, indirect, een belangrijke impact heeft op de leerprestaties van de leerlingen. Tezelfdertijd toont dit onderzoek dat de directies met de meest gunstige invloed op hun personeel diegene zijn die ook echte onderwijskundige leiders zijn en voldoende tijd vrijmaken voor hun pedagogische beleid en omgang met de leerkrachten (Devos et al., 2006).

L’enseignement bruxellois et la pratique du Yoga (méditation et mindfulness) en classe

(traduit du néerlandais : Onderwijs in Brussel is… YOGA in de klas!)

Les enseignants (à Bruxelles) sont à la recherche d’approches pour la gestion du stress des élèves et instaurer le calme en classe. Cela est indispensable pour l’apprentissage, et plus particulièrement pour les enfants qui grandissent dans un contexte métropolitain (multitude de stimuli, bruit, …) et / ou dans la pauvreté (insécurité, tensions, …).

On voit par exemple, dans les classes à bruxelles, de plus en plus d’enseignants introduire des méthodes comme “la pleine conscience”; “pratique d’activités physique en classe” (en savoir plus: MOEV), “philosopher avec les enfants” (en lire plus: INITIA), “programme d’éducation positive” (en savoir plus: Eigen Wijs!) et également le “yoga” (méditation et mindfulness).

Butzer et Flynn ont synthétisé des données de recherche et formulé sept domaines dans lesquels la pratique du yoga en classe pourrait potentiellement avoir des effets positifs. Les chercheurs restent très prudents en raison des données limitées et de la qualité parfois médiocre des études.

  1. Régulation des émotions;
  2. Performance académique;
  3. réduire l’anxiété et la tension;
  4. résilience au stress;
  5. réduire des comportements problématiques;
  6. bien-être physique;
  7. augmenter le bien-être de l’enseignant et créer un climat de classe positif.

À Bruxelles, dans plusieurs écoles d’enseignement néerlandophone, les enseignants se familiarisent avec le yoga. Dans cette vidéo, les enfants de De Goudenregen à Ganshoren (Bruxelles) parlent de leur cours de yoga en classe.

yoga

Je veux souligner que la recherche scientifique sur la pratique du yoga en classe en est encore à ses débuts. De ce fait, il y a encore beaucoup d’incertitude quant aux effets possibles. Mais pratiquer le yoga en classe ne fait certainement pas de mal. En conclusion, si vous et vos élèves sont à l’aise avec cela: continuez!

Je termine par une citation de Dr. Michael de Manincor “The more control we have in our mind, the more power we have in our life.”

***

Voir aussi: Movement And Breathing Breaks Help Students Stay Focused On Learning

Onderwijs in Brussel is… YOGA in de klas!

Leerkrachten (in Brussel) zijn op zoek naar methodieken om stress bij leerlingen te verminderen en rust te creëren. Zeker voor kinderen die opgroeien in een grootstedelijke context (veelheid aan prikkels, drukte, lawaai,…) en/of in armoede (onzekerheid, spanningen,…) is dit noodzakelijk.

Zo zien we in klassen meer en meer leerkrachten die aan de slag gaan met “bewegingstussendoortjes” (lees meer: MOEV), “mindfulness-trainingen” (lees meer: artikel Klasse), “filosoferen met kinderen” (lees meer: INITIA), “gelukskunde” (lees meer: Eigen Wijs!) en dus ook “yoga”.

Butzer en Flynn brachten enkele onderzoeksdata tot synthese en formuleerden zeven domeinen waar Yoga in de klas mogelijks een meerwaarde kan creëren. De onderzoekers blijven heel voorzichtig omwille van de beperkte data en de soms gebrekkige kwaliteit van de onderzoeken.

  1. steun bij het uiten en omgaan met emoties;
  2. betere schoolse resultaten via het creëren van aandacht en rust;
  3. verminderen van angst en spanning;
  4. ontwikkelen van veerkracht;
  5. minder gedragsproblemen;
  6. fysieke meerwaarde;
  7. verhogen van het welbevinden bij de leerkracht en creëren van een positief klasklimaat.

In verschillende scholen van het Nederlandstalig onderwijs in Brussel gaan leerkrachten met yoga aan de slag. In dit korte filmpje vertellen de kinderen van De Goudenregen in Ganshoren (Brussel) over hun Yoga in de klas.

yoga

Ik wil blijven benadrukken dat wetenschappelijk onderzoek over Yoga in de klas nog in zijn kinderschoenen staat en dat er nog heel wat onduidelijkheid is over de mogelijke  effecten. Maar Yoga in de klas kan zeker geen kwaad. Dus als jij en je leerlingen zich hier goed bij voelen, dan kan ik alleen maar zeggen: doen!

Ik eindig met neuroloog Dr. Steven Laureys: “We geven kinderen wel twee uur lichamelijke opvoeding per week, waarom dan geen uurtje ‘mentale opvoeding’, waarin ze leren over emoties, hoe ermee om te gaan, hoe de emoties van anderen te respecteren en hoe ze stress kunnen aanpakken? Onlangs gaf ik een meditatie-sessie aan 120 lagereschoolkinderen. Acht op de tien kinderen gaven aan soms stress te hebben, of al eens wakker te liggen van iets. Echt, we zouden van meditatie een verplicht schoolvak moeten maken. Dat zou het aantal burn-outs op latere leeftijd misschien al doen zakken.”