Taalscreening in de Brusselse kleuterklas

In het eerste trimester van dit schooljaar werd er in de derde kleuterklas in heel Vlaanderen voor het eerst de taalscreening “KOALA” afgenomen. 85% van de kleuters behalen een goed niveau op het vlak van taalvaardigheid Nederlands. De taalvaardigheid in andere talen die het kind spreekt, werd niet getoetst.  

Zoals te verwachten, liggen de resultaten op het vlak van taalvaardigheid Nederlands in stedelijke omgevingen lager. Brussel is hier vergelijkbaar met andere steden. Kris Van den Branden schrijft hierover op zijn blog het volgende:

“Er worden regionale verschillen vastgesteld in de resultaten, maar die zijn grotendeels terug te brengen tot de achtergrondkenmerken van de kinderen. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft 1 op 3 kinderen (32%) extra taalsteun nodig (24% oranje zone en 8% rode zone). In de Stad Antwerpen gaat het om 28% van de kinderen (20% oranje zone, 8% rode zone). In Gent heeft 21% van de kinderen extra taalsteun nodig (14% oranje zone, 7% intensieve begeleiding). Dit zijn regio’s met een proportioneel hoge instroom van sociaal kwetsbare kinderen. Hierbij dient toch te worden genoteerd dat ook in deze regio’s de meerderheid van de kinderen een groene score haalt en dat daartoe ook heel wat kinderen met een laag SES-profiel en een niet-Nederlandstalige achtergrond behoren.

In tegenstelling tot wat in sommige media gesuggereerd wordt, zijn de resultaten van de kleuter op deze taalscreening geen voorwaarde voor de overstap naar het eerste leerjaar. De taalscreening is een hulpmiddel om doorheen de derde kleuterklas nog gerichter in te zetten op taalstimuleringsinitiatieven bij kleuters die het wat moeilijker hebben.

Het thema taalscreening bij kleuters kwam ook al herhaaldelijk aan bod in de Raad van de VGC. Minister Gatz formuleerde het als volgt:

  • Het gebruik van taaltesten en taalscreening is op zich heel zinvol, maar belangrijke beslissingen koppelen aan een momentopname van een toets is geen goed idee!
  • Een taaltoets of taalscreeningsinstrument moet vooral een hulpmiddel zijn voor de school en de leerkracht (1) om een taalbeleid te ontwikkelen op maat van de lokale school, (2) om een klasbeleid te ontwikkelen dat zowel de taalsterke als taalzwakke leerlingen uitdaagt, (3) om individuele leerlingen en/of groepen leerlingen taalgericht te ondersteunen en (4) om ouders te informeren over de evolutie van hun kind. 
  • Tekorten op het vlak van taalvaardigheid bij jonge kinderen kunnen het best in de klas aangepakt worden vanuit een krachtige taalleeromgeving met taalgerichte ondersteuning en kwaliteitsvolle interacties.

De Praktijkgids taaltrajecten kan helpen bij het ontwikkelen van een krachtig klas- en schooltaalbeleid. Ook Brussel Vol Taal biedt houvast en inspiratie voor een effectieve taaldidactiek in de meertalige Brusselse onderwijscontext.

Urban Education en zij-instromers

Zij-instromers zijn geen noodoplossing voor het leerkrachtentekort. Zij-instromers spelen een cruciale rol binnen een grootstedelijk onderwijsteam!

In eerdere blogposts verwees ik hierover al naar het werk van Dr. Martin Haberman: 

Haberman heeft heel wat onderzoek verricht naar succesvolle leerkrachten in uitdagende grootstedelijke contexten. Hij kwam tot de conclusie dat effectieve en blijvende leerkrachten in een grootstedelijke context verbinding kunnen maken met stadsleerlingen en vaak over meerdere van volgende kenmerken beschikken:

  • leven, werken of onderwijs gevolgd hebben in een grootstedelijke omgeving;
  • zelf ouder zijn of uitgebreide relaties uitgebouwd hebben met kinderen/jongeren;
  • tot een minderheidsgroep behoren;
  • een andere opleiding hebben dan (alleen) ‘onderwijs’;
  • andere werkervaringen gehad hebben vooraleer de job als leerkracht op te nemen;
  • ervaringen hebben (bv. via vrijwilligerswerk) met kinderen/jongeren van diverse achtergronden;
  • zich professionaliseren via werkplekleren;

Heel wat zij-instromers vertonen één of meerdere van deze kenmerken. Het is dus belangrijk om het grote potentieel van deze ‘zij-instromers’ aan te spreken.

Aantrekken van zij-instromers is dus niet alleen een belangrijke piste om het leerkrachtentekort aan te pakken, het zorgt ook voor een verrijking van het leerkrachtenteam! We stellen vast dat zij-instromers de stap zetten als ze overtuigd geraken van de sociale relevantie en de sociale status van het leerkrachtenberoep, het loon, de meerwaarde die ze kunnen creëren (vanuit hun ervaring en/of talenten) én als ze zichzelf als competent ervaren. Deze elementen kunnen dus hefbomen zijn waarop het beleid kan inzetten.

Onderstaande voorbeelden (of dit artikel in BRUZZ) illustreren dit:

Wake Up Schools

Naar aanleiding van het overlijden van Thich Nhat Hanh (22 januari 2022), wil ik zijn initiatief “Wake Up Schools” onder de aandacht brengen. Wake Up Schools werd in 2008 door Thich Nhat Hanh opgericht als een programma om leerkrachten te ondersteunen om mindfulness toe te passen in hun eigen leven en in de leeromgeving van kinderen en jongeren.

Wake Up Schools onderzoekt en ontwikkelt de mogelijkheden om mindfulness te integreren in educatieve leeromgevingen. Wake Up Schools organiseert bijeenkomsten voor leerkrachten en ondersteunt leerkrachten om mindfulness uit te dragen. Het boek Happy Teachers change the world, beschrijft hoe je mindfulness een plaats kan geven op school en in de klas.

logo Wake Up Schools
Thich Nhat Hanh (foto van plumvillage.org)

I think it is the good teachers who will be able to change the world. That’s my belief, because a teacher can nourish, can heal, can build healthy, happy human beings.”

Thich Nhat Hanh

Wake Up Schools beschrijft de meerwaarde van Mindfulness op school als volgt: “Mindfulness wordt internationaal steeds meer erkend als een krachtig hulpmiddel om ook schoolse uitdagingen aan te pakken. Onderzoek toont de effectiviteit van mindfulness aan bij het verminderen van stress, angst en depressie, en vergroot emotionele veerkracht, geluk, positief sociaal gedrag en cognitieve vaardigheden. Deze vaardigheden bevorderen een positieve en coöperatieve klasomgeving waardoor ook gedragsproblemen kunnen verminderen.

Meer informatie kan je lezen op de website van Wake Up Schools of je kan deze folder downloaden.

Lees ook:

EDUCARE in Brussel

De aanleiding om het vandaag nog eens te hebben over educare, is het debat van de voorbije dagen over zindelijkheid (care) en onderwijs (education). Michel Vandenbroeck schreef een mooi opiniestuk over deze discussie. In Brussel staat het thema al langer op de agenda…

Educare vertrekt vanuit een brede kijk op ontwikkeling van jonge kinderen, waarbij zorg (care) en leren (education) evenwaardige concepten zijn. Een belangrijk luik in het educare-verhaal gaat over transitie: de overgang van de kinderopvang of thuis naar de kleuterschool. De VGC (Onderwijscentrum Brussel en Entiteit gezin), ontwikkelde hierover een visietekst en werking (vorming en projecten) om alle kinderen van 0 tot 6 jaar optimale ontwikkelingskansen te geven. ‘Zorg’ en ‘leren’ worden hierbij geïntegreerd benaderd met ‘continuïteit’ als sleutelbegrip: continuïteit met thuis en de buurt; pedagogische continuïteit en professionele continuïteit. Vanuit deze visie is ‘zindelijkheid’ een genuanceerd verhaal, waarbij zorg en leren hand in hand gaan. De visietekst (2017) kan je hier downloaden:

Aansluitend op de visietekst selecteerde ik drie initiatieven uit Brussel ter ondersteuning van educare en transitie:

Minimaal Maxitaal, publicatie VBB en OCB (2012)

Dit boek reikt inspirerende ideeën aan voor de overgang van de kinderopvang/thuis naar school. Op school wordt de kleuter geconfronteerd met verschillende gewoontes/routines. Die routines kunnen krachtige leermomenten zijn die nauw aansluiten bij de behoeften en de ontwikkeling van een jonge kleuter.

VALUE-traject, een project van oa VBJK, Erasmushogeschool ism OCB (2020)

Het internationaal VALUE-project vertrok vanuit de vraag: Hoe kunnen alle betrokken professionals samen kwaliteitsvol kleuteronderwijs realiseren? Hoe kan een voltallig kleuterschoolteam de handen in elkaar slaan om, in een context van diversiteit, tegemoet te komen aan de zorgnoden van elk kind?

Om dit te realiseren wilde VALUE de samenwerking tussen leidinggevenden, kleuteronderwijzers en kinderbegeleiders versterken en maakte hiervoor gebruik van drie kernconcepten: professionele identiteit; educare; samenwerken. Lees dit artikel voor meer informatie.

Het resultaat van dit project is oa deze roadmap:

Communiceren met ouders, website van OCB (2020)

Het webplatform Communiceren met Ouders, wil scholen helpen in de samenwerking en communicatie met ouders. Vanuit een grootstedelijke invalshoek krijgt de leerkracht tips, infofichesfilmpjes, downloads en instrumenten ter beschikking. Bovendien kan elke school met de ingebouwde tool gemakkelijk zelf materiaal ontwerpen zoals brieven, affiches of flyers. De website besteedt heel wat aandacht aan een warm onthaal van jonge kleuters

<>

Tenslotte neem ik een stuk over uit een eerdere blogpost over Urban education en samenwerking met de omgeving:

Transformationele samenwerking (Fukkinck, 2016) is de sterkst uitgebouwde vorm van samenwerking zowel op het vlak van intensiteit als sturing.  Het gaat niet meer om goed samenwerken vanuit een gedeelde missie, maar bij dit soort samenwerking wordt een gezamenlijk aanbod ontwikkeld vanuit een gezamenlijke doelgerichtheid, waarbij het kind het enige uitgangspunt vormt.  Het Kindcentrum ‘De Tandem’ in Brugge is een voorbeeld van zo’n samenwerkingsmodel (zie artikel in Klasse):

  • leren, zorg, opvoeding, ontwikkeling, opvang en ontspanning vormen één geheel en vloeien in elkaar over;
  • kinderen kunnen er leren en spelen, binnen en buiten de schooltijd, en krijgen kansen om hun talenten te ontdekken en breed te ontwikkelen;
  • begeleiders (leerkrachten, kinderverzorgsters, zorgleerkrachten, opvoeders, vrijwilligers,…) vormen één team;
  • er wordt gewerkt vanuit een doorgaande leer- en ontwikkelingslijn voor kinderen van 0 tot 12 jaar, vanuit een door iedereen gedeelde visie. 

Ook in Brussel zien we een aantal scholen en brede scholen op zoek gaan naar zo’n tranformationele samenwerking.

Taaldiversiteit, onderwijs én Brussel…

Ik heb de voorbije 30 jaar al heel wat interessante onderwijskundige en maatschappelijke visies, modellen en aanpakken leren kennen over taaldiversiteit, goed taalonderwijs en een krachtig talenbeleid.

Ik zie heel wat Brusselse scholen deskundig en geëngageerd aan de slag gaan met krachtige vormen van taalonderwijs binnen een rijk talenbeleid. Met het Onderwijscentrum Brussel proberen we hen hier zo goed mogelijk in te ondersteunen.

En toch slagen we er nog steeds onvoldoende in om voor alle Brusselse leerlingen een succesvol taaltraject te creëren. Ik denk dat we te vaak voorbijgaan aan de kernvraag (en het ingrijpende antwoord op deze vraag):

Wat betekent omgaan met taaldiversiteit in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel?

Omgaan met taaldiversiteit betekent loskomen van onze eigen mentale modellen én herdenken van onze systemen en structuren. Omgaan met taaldiversiteit betekent vertrekken vanuit wat leerlingen nodig hebben om gelukkig en succesvol te kunnen leren en ontwikkelen, vertrekken vanuit wat leerlingen nodig hebben om succesvol meertalig op te groeien. Te vaak zijn we bij omgaan met taaldiversiteit op zoek hoe we de leerlingen kunnen inpassen in onze mentale modellen en in onze systemen en structuren…

Ik wil even een zijsprong maken naar het verhaal van Audrey, 17-jarige leerlinge in de International State School van Differdange & Esch Luxemburg (*). Audrey, die thuis Portugees spreekt met haar familie, volgde een regulier onderwijstraject: kleuterschool in het Luxemburgs, de lagere school in het Duits. Het leren lezen en schrijven in deze taal verliep voor haar heel moeizaam. Ze vond de taal moeilijk, de taal was voor haar een drempel om tot leren te komen. Haar resultaten waren – ondanks extra bijlessen – niet goed, ze werd schoolmoe… Heel jong dreigde ze reeds terecht te komen in een ‘problematische’ schoolloopbaan. Een leerkracht was bezorgd en ging met de ouders en Audrey in overleg: ‘als het Duits zo moeilijk is, waarom hieraan vasthouden… is het niet beter om te leren in haar moedertaal (het Portugees) en een taal die veel dichter staat bij die moedertaal (het Frans)?’ Zo oriënteerde deze leerkracht Audrey naar de International State School waar deze verschillende trajecten binnen één school mogelijk zijn: “De leerling kiest de eerste onderwijstaal (L1) uit het Frans, Duits, Engels en Portugees. De school probeert zoveel mogelijk leerlingen de kans te geven hun moedertaal op school te gebruiken. ” Lees er hier meer over. Audrey bloeide open, voelde zich erkend en bekwaam en vond haar weg in deze meertalige schoolloopbaan. Ze vertelde me dat ze er nu van droomt om leerkracht te worden.

Mijn tweede verhaal gaat over Thomas. Thomas studeert succesvol rechten aan de KUL (met vakken in het Nederlands en Engels) en deed zijn bachelor in het Frans aan de Université Saint-Louis in Brussel. Thomas werd thuis tweetalig opgevoed (Frans en Nederlands) en kreeg dankzij het Franstalig immersieonderwijs de kans om in het leerplichtonderwijs beide talen verder te ontwikkelen. Zijn beste vriend Antoine startte ook in het immersieonderwijs, maar het Nederlands gaf hem té veel stress en hij schakelde over naar een regulier Franstalig traject binnen dezelfde school (met het Nederlands als tweede taal). Thomas en Antoine hadden een aantal vakken samen (oa wiskunde in het Frans) en bleven goede vrienden.

Durven we hierop doordenken… Moeten we in ons Brussels onderwijs onze mentale modellen niet herzien? Moeten we in ons Brussels onderwijs systemen en structuren niet herdenken? Moeten we in ons Brussels onderwijs geen muren slopen en op zoek gaan naar een meersporenbeleid op maat van de leerlingen (zie oa ‘Op zoek naar meertaligheid’ – 2013) ?

Dat we meer op maat moeten werken en onze systemen moeten durven bijstellen, las ik de voorbije weken ook in twee opiniestukken…

Zo schrijft Dirk Vandamme in het recente opiniestuk “De school heruitvinden” (De Morgen): “Een eerste denklijn bestaat er in de standaardisatie en de routines in de school aan te pakken. In de samenleving, de economie, de arbeidsmarkt worden routines in snel tempo verlaten. Standaardisatie en het ‘one size fits all’ denken worden in de economie eveneens in snel tempo ingeruild voor flexibilisering en maatwerk.”

En Patriek Delbaere zegt in zijn afscheidsinterview (De Morgen): “Onderwijs moet zichzelf ook fundamenteel in vraag durven stellen als systeem. Het moet creativiteit en engagement toelaten. Het mag niet gebetonneerd worden in allerlei regels, statuten of eindtermen.”

Durven we hierop doordenken?

(*) Ik kreeg dit verhaal te horen in het kader van een werkbezoek aan Luxemburg met minister Gatz (centraal thema van het tweedaags bezoek: Meertaligheid in het onderwijs in Luxemburg).

De interne en externe strijd voor onze aandacht (leestip)

update mei 2023

Hou je aandacht erbij!”; “Concentreer je nu eens.”; “Doe geen twee dingen tegelijkertijd!”; “Focus alsjeblieft!” Aandacht is een essentiële pijler om succesvol te leren én te leven… (‘Pay attention to your attention’) Hoe meer we functioneren in complexe omgevingen met veel prikkels, hoe meer aandacht een uitdaging wordt… Zeker ook voor kinderen (én volwassenen) die opgroeien in moeilijke, complexe en/of prikkelrijke contexten!

Peak Mind

Neurowetenschapper Dr. Amishi Jha doet al twintig jaar wetenschappelijk onderzoek naar aandacht en schreef in 2021 het boek Peak Mind, de nieuwe wetenschap van focus en concentratie. Ze verzamelt in dit boek haar onderzoeksinzichten en brengt tegelijkertijd ook een persoonlijk verhaal.

In haar onderzoek ging ze aan de slag met soldaten, atleten, studenten, brandweerlieden,… Ze onderzocht hoe aandacht bij deze professionals functioneert en hoe ze aandacht beter kunnen benutten om effectief te zijn in hun (professioneel) leven. Het boek geeft je inzicht in de manier waarop aandacht werkt (‘three systems of attention’), hoe aandacht ons misleidt (‘Thoughts aren’t facts’ en ‘drop the story’) en hoe je aandacht kunt trainen (‘Attention is powerful, fragile and trainable’).

Dr. Amishi Jha concludeert en toont op basis van neurologisch onderzoek aan dat je met mindfulness deze strijd voor de aandacht kunt winnen (12 minuten per dag!). Ze biedt doorheen het boek en in het laatste hoofdstuk concrete handvaten en oefeningen om een eigen mindfulnesspraktijk te ontwikkelen (‘The goal is to have the capacity to shift into a mindful mode when you need it.’).

Meer…

  • Over Mindfulness op school en in de klas kan je ook deze blogpost lezen.
  • In dit artikel lees je een mooie samenvatting van het boek.
  • Kijk hier naar een TEDx met Amishi Jha.
  • In 2023 publiceerde Amishi Jha op youtube Developing a Peak Mind | 4-week Challenge om 4 weken lang iedere dag je ‘peak mind’ gedurende 12 minuten per dag te trainen.
  • In dit interview van Ed Mylett met Dr. Amishi Jha maak je kennis met enkele inzichten uit het boek Peak Mind: drie systemen voor betere aandacht, multitasken, metacognitie, mentale weerbaarheid, mindfulness,…
  • Dr. Amischi Jha vatte haar boek samen in één tweet en nieuwjaarswens voor 2022:

Ik las het boek in het Engels, maar ondertussen is de vertaling in het Nederlands ook beschikbaar: ‘Peak Mind, de nieuwe wetenschap van focus en concentratie’.

Peak Mind

Urban Education 2021, top 10!

In dit bericht blik ik even terug op mijn meest gelezen blogberichten in 2021.  Opvallend is dat een bericht uit 2019 over klasmanagement op de eerste plaats staat en dat ook de 7-delige reeks over Urban Education (ook uit 2019) hoog in de top 10 staat. Verder zie ik een grote populariteit van mijn berichten over yoga, mindfulness en meditatie met twee berichten in de top 10, en “Elke ket een goede lezer” en de “‘Warm demander’-leerkracht” zijn ook blijvers.

  1. Onderwijs in Brussel is… “worstelen” met klasmanagement! (28 mei 2019): Enkele basisinzichten over klasmanagement in een grootstedelijke context.
  2. Meerwaarde van yoga, meditatie en mindfulness op school (21 juni 2021): In dit bericht wordt op basis van onderzoek de meerwaarde van yoga, meditatie en mindfulness op school beschreven (+ de vertaling naar de praktijk).
  3. Onderwijs in Brussel is… urban education, de grootstedelijke context (1) (5 november 2019): Deel 1 van een 7-delige reeks over Urban Education (ook in het Frans en het Engels)
  4. De “warm demander”-leerkracht… (17 september 2020): Over een warme leerkrachtenstijl én een veeleisende aanpak.
  5. Rapport Brinckman en Urban Education (3 november 2021): Het rapport gelezen vanuit een grootstedelijke bril: omgaan met diversiteit, meertaligheid, ouderbetrokkenheid en armoede.
  6. Er is geen leerachterstand… #corona (18 december 2020): Bij leervertraging moeten we prioriteiten stellen, differentiëren, alternatieve leerpaden aanbieden, extra kansen bieden, compenserende maatregelen nemen.
  7. Wat verwachten Brusselse leerkrachten van de samenwerking onderwijs en welzijn? (24 februari 2021): Verslag over het thema ‘onderwijs en welzijn’ dat in de Ronde van Brussel met minister Gatz aan bod kwam.
  8. Over het leerkrachtentekort in Brussel (debat Raad VGC) (27 september 2021): Het thema leerkrachtentekort kwam verschillende keren aan bod in deze blog, oa dit verslag van een debat in de Raad van de VGC.
  9. Meditatie op school en in de klas? (1) (5 november 2021): “Meditatie op school en in de klas” (1) maakt deel uit van een mini-reeks over yoga op school en in de klas met concrete vertalingen naar de klaspraktijk.
  10. Elke ket een goede lezer (10 juni 2019): Enkele specifieke accenten die belangrijk zijn voor leesonderwijs in een meertalige en grootstedelijke omgeving.

Dank voor je interesse voor het onderwijs in Brussel! Ik wens je een fijn eindejaar en een heel gewoon 2022!

Wat betekent Urban Education voor de kwaliteit van onderwijs? (debat Raad VGC, 17 december 2021)

Vrijdag 17 december 2021 werd op de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie de meerjarenbegroting en de beleidsverklaring van de VGC besproken. Je kan het verslag hier lezen.

Eén klein element uit het uitgebreide debat licht ik er even uit… Het antwoord van minister Gatz op de vraag: “Wat betekent Urban Education voor de kwaliteit van ons onderwijs?” Hij beschrijft dit in vier samenhangende lagen…

  • De grondlaag: het bereiken van de eindtermen zoals die in de Vlaamse decreten zijn opgenomen. Dat is wat elke school wil en moet doen!
  • De tweede laag: zo snel en zo goed mogelijk Nederlands leren. Een hoge taalvaardigheid in het Nederlands is cruciaal, ook voor de vele anderstalige leerlingen in ons onderwijs!
  • De derde laag: vanuit die taalgevoeligheid de stap naar meertaligheid zetten. Onze Brusselse leerlingen bevinden zich in een ideale situatie om meertalig op te groeien.
  • De laag die we daar nog eens bovenop leggen: Urban Education. Elke leerling benaderen vanuit de kenmerken van de grootstedelijke omgeving waarin hij opgroeit.  Deze laag grijpt ook in op de vorige 3 lagen.

Meer over Urban Education kan je hier lezen.

Beleidsverklaring Vlaamse Gemeenschapscommissie 2021 – 2022

Op vrijdag 3 december 2021 werd de beleidsverklaring van de VGC 2021 – 2022 voorgesteld aan de Raad van de VGC. Hieronder neem ik enkele stukken uit de beleidsverklaring over, met focus op onderwijs…

Ik zoom even in op 4 thema’s:

  • (1) het leerkrachtentekort,
  • (2) urban education,
  • (3) infrastructuur,
  • (4) onderwijs en welzijn.

Elk nieuw schooljaar kenmerkt zich door nieuwe verwachtingen, ambities en uitdagingen. Uitdagingen die een doortastende en resultaatgerichte aanpak vragen en die de mogelijkheden van het flankerend onderwijsbeleid van de VGC vaak overstijgen.

Meer leerkrachten nodig

“Het tekort aan leerkrachten laat zich vandaag, meer dan ooit, stevig voelen in de klassen. Het aantrekken en behouden van goede en gemotiveerde leerkrachten wordt dan ook een prioritaire opdracht. De VGC maakt een realistisch en haalbaar plan van aanpak, met acties op korte en middellange termijn. We doen dit in overleg met de Vlaamse Gemeenschap, de onderwijskoepels en de hogeronderwijsinstellingen.

Tijdens de Ronde van Brussel kaartten schoolteams het gebrek aan maatschappelijke waardering van het lerarenberoep aan. De VGC beantwoordde deze oproep met een campagne #leerkrachtBXL, die ook de komende jaren wordt verdergezet. Naast de positieve waardering van het beroep, zetten we in de volgende fase maximaal in op het realiseren van een diverse instroom in de lerarenopleidingen en het werven van nieuwe leerkrachten voor het Nederlandstalig onderwijs in Brussel.

We intensifiëren de lopende projecten, met focus op de leerlingen van het secundair onderwijs, studenten in de lerarenopleidingen van het hoger onderwijs, op zij-instromers voor het secundair onderwijs en het basisonderwijs. Via een versterkte aanvangsbegeleiding houden we de nieuw gestarte leerkrachten in het onderwijs in Brussel. We stimuleren de hogeronderwijsinstellingen om hun aanbod ruim te flexibiliseren, zodat mensen die interesse hebben om in te stromen in het beroep daartoe alle kansen krijgen.

Om de ergste noden te lenigen, biedt het OCB crisishulp aan scholen. Als een school dreigt te sluiten omwille van het leerkrachtentekort, kan de reguliere werking van OCB op de school tijdelijk stoppen en kan de school op een andere manier geholpen worden. Tegelijkertijd start de onderwijsondersteuner ook een proces op met de school om na te denken over alternatieve strategieën om het tekort op te vangen.

Focus op urban education

“Via de ondersteuning van Urban Education blijven we met het OCB inzetten op Brusselse onderwijskansen en onderwijsuitdagingen. In het ondersteuningsaanbod van OCB krijgen digitaal- en afstandsleren, taalonderwijs, meertaligheid en taalscreening, talentontwikkeling en veerkracht een belangrijke plaats.

We starten een opleidingstraject op voor stadsleerkrachten en stadsdirecteurs. In deze trajecten worden leerkrachten en directies verder gevormd rond Brusselse onderwijsthema’s zoals ‘werken met
superdiverse leerlingengroepen’ of ‘ontwikkelen van een meertalig taalbeleid’. En om de expertise van Brusselse scholen zichtbaar te maken en te delen organiseren we het “OCB onderwijsfestival” met
inhoudelijke workshops over meertaligheid en diversiteit, goede praktijken uit Brusselse scholen en verschillende uitwisselingsmogelijkheden.

We hebben ook aandacht voor de scharniermomenten in de onderwijsloopbaan. We vinden het belangrijk dat leerlingen hun leerloopbaan beter in handen kunnen nemen en ontwikkelen daartoe een nieuwe werking rond talentontwikkeling en studiekeuze met een betere afstemming tussen onderwijs en arbeidsmarkt. “

Investeren in infrastructuur en uitrusting

Er wordt ook verder geïnvesteerd in schoolgebouwen: enerzijds in de uitbreiding van de capaciteit en anderzijds in de uitrusting in functie van een kwaliteitsvolle leeromgeving.

De brug tussen onderwijs en welzijn

“Voor een groeiend aantal leerlingen in een verontrustende onderwijs- en opvoedingssituatie, is naast de bestaande initiatieven, extra ondersteuning en begeleiding nodig. Voor jongeren van middelbare
schoolleeftijd, met gedragsmoeilijkheden op school, voor wie het schools traject dreigt vast te lopen of reeds vastgelopen is, kiest de VGC ervoor om een geïntegreerde werking uit te bouwen tussen
Onderwijs en Welzijn en een gerichte aanpak op te zetten voor de begeleiding/ondersteuning van deze jongeren op de campus zelf (time-in).

De VGC heeft ook specifieke aandacht voor leerlingen uit kansarme milieus. Het is bewezen dat armoede de ontwikkeling en de schoolse resultaten kan beïnvloeden. Het bewust inzetten op kleuterparticipatie, op betaalbaar en toegankelijk onderwijs, maakt voor kwetsbare kinderen een verschil en creëert meer gelijke onderwijskansen. We verlagen de financiële drempels door tussenkomst in de schoolkosten. “

De volledige beleidsverklaring kan je hier lezen.

Pranayama op school en in de klas? (4)

(laatste aanpassing augustus 2022)

Het belang van ademhaling voor fysieke en mentale gezondheid wordt vaak onderschat. Pranayama (bewust zijn en beheersen van je ademhaling) is een essentieel onderdeel van yoga.

Wat is pranayama?

Ademhaling wordt in yoga ook ‘levensenergie‘ genoemd. Bij het inademen stroomt er lucht naar de longen. De longen halen de zuurstof uit de lucht. Deze zuurstof wordt opgenomen in het bloed en tegelijkertijd geven de longen koolstofdioxide af aan de lucht. Deze zuurstofarme en koolstoolstofdioxiderijke lucht wordt vervolgens uitgeademd. Ademhaling gebeurt in principe onbewust maar je kan ook bewust in- of uitademen of de adem een tijdje inhouden. Bij yoga ga je bewust en soms ook gecontroleerd ademen (pranayama).

Ademhaling heeft invloed op je zenuwstelsel. Bij het bewust en rustig uitademen stimuleer je het parasympatische zenuwstelsel. Dat is het deel van je autonome zenuwstelsel dat zorgt voor rust en herstel.  Bij spanning, stress, hoge activiteit werkt je sympathische zenuwstelsel: hogere hartslag, versnelde ademhaling, meer bloed stroomt naar je spieren.  Na zo’n gespannen toestand kan je tot rust komen door bewust te focussen op langer uitademen.  Hierbij activeer je je parasympatisch zenuwstelsel en versnel je rust en herstel. 

Regelmatig aandacht besteden aan een rustige, goede ademhaling heeft ook invloed op je hormoonhuishouding. Zo wordt er bijvoorbeeld minder cortisol (stresshormoon) aangemaakt, waardoor je je rustiger gaat voelen, minder vermoeid bent en je beter gaat slapen.

Yoga-ademhaling kan op die manier invloed hebben op je fysieke en mentale gezondheid. 

Dr. Mithu Storoni, auteur van Stressproof, vertelt vanuit wetenschappelijke inzichten over het belang van ademhaling in yoga… Bekijk het filmpje hier.

In deze LifeMe podcast gaat Len De Nys in gesprek met Stefanie Broes PhD, co-founder van Moonbird, over stress, ademhaling en Heart Rate Variability.

Pranayama bij kinderen en jongeren?

Het is belangrijk om leerlingen bewust te laten worden van hun ademhaling. Dit kan op verschillende manieren: met de hand op de buik de beweging van de ademhaling voelen, neus dichtknijpen en adem inhouden, met de rug van de hand onder de neus de luchtstroom voelen, het aantal ademhalingen per minuut tellen, een spiegel onder de neus houden,…

Na het bewust worden van de ademhaling, kan je met de leerlingen oefenen om hun ademhaling te controleren of te beheersen.

  • Bij jongere kinderen kan je best aan de slag gaan met ademhalingsspelletjes, waarbij ze hun ademhaling verkennen (bv. ballon opblazen, bellen blazen, door een rietje een pingpongballetje vooruit blazen,…). 
  • Bij oudere leerlingen kan je ademhalingstechnieken en oefeningen aanleren, zoals bijvoorbeeld de Oceaanademhaling (Ujjayi pranayama).

Oceaanademhaling (Ujjayi pranayama)

Bij de oceaanademhaling of Ujjayi pranayama adem je in door de neus, waarbij je de adem achter in de keel afremt met het achterste deel van je tong. Je hoort een zacht ruisend geluid.  Je bent je bewust dat de adem de keel raakt. Deze langzame ademhalingstechniek (2-4 ademhalingen per minuut) verhoogt de luchtwegweerstand bij het ademen en beheerst de luchtstroom, zodat je bij elke fase van de ademhalingscyclus bijvoorbeeld rustig tot 4, 5 of 8 kunt tellen.

  • Laat de leerlingen eerst luisteren naar geluid van de zee/oceaan (bv. via dit youtubefilmpje).
  • Ga rechtop staan met de voeten op heupbreedte of ga rustig zitten in een makkelijke houding.
    • Adem in en uit door de neus. 
    • Bij het uitademen vernauw je je keelgat. Als het goed is, klinkt het geluid van de adem dan zoals de oceaan. 
    • Pas dezelfde techniek ook toe bij het inademen.

De oceaanademhaling verhoogt je concentratie. Deze ademhaling biedt zowel energie als ontspanning.  Je ervaart een combinatie van fysieke en mentale kalmte met alertheid.

Een fiche met nog enkele andere ademhalingsoefeningen kan je hier downloaden.

Lees meer…

“Ademhaling op school en in de klas” (4) maakt deel uit van een mini-reeks. Lees ook “Meditatie op school en in de klas” (1),  “Mindfulness op school en in de klas” (2) en “Yoga op school en in de klas” (3).

Boekentip

Johnhain pixabay