Omgaan met polarisering en de smartphone op school (Raad VGC, 24 november 2023)

In de plenaire vergadering van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie van 24 november 2023 kwamen oa volgende onderwijsvragen aan bod:

Radicalisering en polarisering in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel

Naar aanleiding van de berichten in de media willen de raadsleden meer informatie over de situatie in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel. Collegelid Gatz liet de verschillende Brusselse onderwijspartners bevragen en uit de antwoorden bleken geen significante signalen of stijging van incidenten op het vlak van radicalisering en polarisering. Hij benadrukt dat dit niet betekent dat er geen problemen zijn. Alleen bestaat de kans dat de signalen onder de radar verdwijnen om verschillende redenen (bv. herkenning van signalen, geen systematische registratie,…). Het collegelid wil in overleg met de onderwijskoepels tot afspraken komen om een betrouwbaar beeld te krijgen van de problematiek. Verder geeft hij nog een overzicht van de verschillende initiatieven vanuit de Vlaamse overheid en de VGC.

AANVULLING:

De smartphone op school en in de klas

De invoering van een smartphonevrije week per maand op een Brusselse school, was de aanleiding om hierover in de Raad van de VGC een debat te voeren. Collegelid Gatz vindt dat dit in de eerste plaats een debat is dat op school moet gevoerd worden met alle betrokkenen. Het Vlaams Kenniscentrum Mediawijsheid kan hierbij informatie, ondersteuning en tips bieden om een smartphone- en/of schermbeleid te ontwikkelen. Het zal altijd een evenwichtsoefening zijn tussen technologie als kans en technologie als belemmering bij het leren.

AANVULLING:

  • Het boek Reconnect van Doug Lemov besteedt heel wat aandacht aan de smartphone op school: hij houdt een pleidooi voor een strikt beleid tav smartphones, maar tegelijkertijd een open houding ten aanzien van technologische mogelijkheden in onderwijs.
  • Het kenniscentrum Digisprong ontwikkelde ook deze ondersteunende fiche om te werken aan een smartphonebeleid op school.
  • En Pedro De Bruyckere verzamelde op zijn blog al heel wat informatie over smartphonegebruik op school, waaronder “Smartphones in de klas, een heleboel onderzoek”.

Verder was er ook nog een onderwijsvraag over leerlingen die de overstap maken van buitengewoon naar gewoon onderwijs.

Je kan het volledig debat lezen in dit verslag.

Mindfulness op school, probleem van implementatie? (onderzoek)

Uit recent Vlaams onderzoek van Liesbeth Bogaert, Katleen Van der Gucht, Peter Kuppens, Merle Kock, Marieke J. Schreuder, Willem Kuyken en Filip Raes (*), blijkt dat er geen directe impact is van klassikale mindfulnesstraining op het mentaal welzijn van scholieren (sombere gevoelens, stress of angstklachten). Dit stemt overeen met ander internationaal onderzoek (oa Myriad). Eerder onderzoek toonde echter aan dat mindfulness buiten de klas wel een effectief hulpmiddel kan zijn voor jongeren, maar de implementatie op schoolniveau lijkt dan toch niet te lukken. De onderzoekers gingen daarom ook op zoek naar mogelijke oorzaken van het uitblijven van een positief effect van mindfulnesstraining op school. Ze zien elementen op micro-, meso- en macroniveau waar bij toekomstige projecten en onderzoeken rekening mee gehouden moet worden…

Een mogelijke factor op microniveau is de lage frequentie van het thuis oefenen (= integraal onderdeel en noodzakelijke voorwaarde bij mindfulnessprogramma’s). De onderzoekers pleiten dan ook om de aanpak meer af te stemmen op de noden en voorkeuren van adolescenten (én met hen hierover in overleg te gaan).

Op mesoniveau spelen klasklimaat en groepsdynamische processen een belangrijke rol. Tijdens mindfulnesstraining is het delen van persoonlijke gedachten en gevoelens met klasgenoten immers een kernelement. Dit vraagt niet alleen een veilig klasklimaat, maar kan ook sterk beïnvloed worden door onderlinge relaties.

Tenslotte zijn er ook factoren op macroniveau die te maken hebben met schoolorganisatie, tijd, werkdruk,…

Bovenstaande voorbeelden (op individueel-, klas- en schoolniveau) illustreren ‘de niet altijd zichtbare factoren die de implementatie en de effectiviteit van mindfulnesstraining kunnen bemoeilijken’. Het is dus zeker belangrijk om op zoek gaan naar alternatieve aanpakken die rekening houden met het samenspel van deze randvoorwaarden. Dit sluit ook aan bij eerdere blogberichten die ik hierover schreef: “Met yoga, meditatie en mindfulness op school aan de slag gaan, doe je niet zomaar. Het is het resultaat van een proces: Starten met yoga, meditatie en mindfulness op school? Het is hierbij belangrijk om Op maat van de leerling te werken.” Ook dit onderzoek van de University of Sydney komt tot dezelfde conclusie.

***

(*) Liesbeth Bogaert, Katleen Van der Gucht, Peter Kuppens, Merle Kock, Marieke J. Schreuder, Willem Kuyken, Filip Raes, The effect of universal school-based mindfulness on anhedonia and emotional distress and its underlying mechanisms: A cluster randomised controlled trial via experience sampling in secondary schools, Behaviour Research and Therapy, Volume 169, 2023, 104405, ISSN 0005-7967 – In het onderzoek op 11 Vlaamse scholen werd een 8-weken-mindfulnesstraining klassikaal aangeboden door erkende professionele mindfulnesstrainers met het oog op een verbetering van het mentaal welzijn van jongeren (15-18 jaar).

Het verhaal achter de poster “Supporting multilingualism with an online tool.”

=> Poster presentation in English click here

Het internationaal Child in the City congres 2023 vond plaats in Brussel. De Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) ondersteunde dit congres en kreeg dan ook de kans om enkele belangrijke grootstedelijke thema’s in de picture te plaatsen.

Vanuit het Onderwijscentrum Brussel (OCB) werd gekozen voor het thema “ondersteuning van meertaligheid in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel” via een posterpresentatie.

Het Brussels hoofdstedelijk gewest neemt wereldwijd een unieke positie in op het vlak van taal en meertaligheid. In deze relatief kleine regio (162 km²) tellen we 1,2 miljoen inwoners met 180 nationaliteiten en meer dan 100 verschillende talen.

Met de taalwetten van 1963 werd de hoofdstad officieel tweetalig: Frans en Nederlands. Deze tweetalige stad organiseert het onderwijs in twee afzonderlijke taalgemeenschappen: Franstalig onderwijs en Nederlandstalig onderwijs. Ongeveer 20% van de Brusselse kinderen gaat naar Nederlandstalige scholen, 80% naar Franstalige scholen.

Nederlandstalige scholen in Brussel tellen ongeveer 150 basisscholen en 50 scholen secundair onderwijs. Zij verzorgen onderwijs voor ruim 52.000 kinderen (2022 – 2023). Amper 10% van deze kinderen spreekt thuis altijd Nederlands, bijna 19% spreekt thuis Nederlands met slechts één ouder en ruim 70% spreekt thuis geen Nederlands (Frans en andere talen). Deze realiteit zorgt voor grote uitdagingen voor scholen en leerkrachten. Het ondersteunen van deze schoolteams op het vlak van taalonderwijs en omgaan met meertaligheid, is dan ook een belangrijke taak voor het Onderwijscentrum Brussel.

Het Onderwijscentrum Brussel (OCB) wil ervoor zorgen dat elk kind in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel een succesvolle schoolloopbaan kan doorlopen, ongeacht de talige (Nederlands, Frans, anderstalig of meertalig) of sociaal-economische achtergrond. Het OCB realiseert deze missie via het bieden van ondersteuning en training aan leraren op het vlak van Urban Education (bijvoorbeeld krachtig taalonderwijs, omgaan met meertaligheid en superdiversiteit, onderwijs voor kinderen die opgroeien in armoede,…).

Om ‘omgaan met meertaligheid in de klas’ te ondersteunen ontwikkelde OCB de website en tool: Brussel Vol Taal. Brussel Vol Taal wil een extra online toegangspoort zijn voor informatie over en ondersteuning van meertaligheid in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel. De website werd gelanceerd in 2021 en bekijkt meertaligheid in het onderwijs door een Brusselse bril.

Brussel Vol Taal verzamelt expertise en materialen, en begeleidt je er doorheen. De website bestaat uit 3 delen:

STAP 1: “Een taal leren”: Dit deel van de website biedt informatie en goede praktijken over meertalige taalontwikkeling, de bouwstenen van krachtig taalonderwijs, maar ook meer specifieke items zoals correctieve feedback.

Het geven van correctieve feedback op taalfouten is een manier om nauwkeurig Nederlands te leren. Kinderen op Nederlandstalige scholen in Brussel krijgen weinig natuurlijke feedback op hun fouten, omdat hun klasgenoten ook niet Nederlandstalig zijn en soortgelijke fouten maken. Hierdoor komen ze vast te zitten in een tussentaal met fouten die ze niet bij elkaar opmerken. Daarom is correctieve feedback zo belangrijk in Brussel.

STAP 2: “Taalprofiel leerlingen”: Dit onderdeel van de website bevat materialen om aan de slag te gaan met een talenpaspoort en de inzichten uit dit talenpaspoort te gebruiken in de dagelijkse klaspraktijk.

Het aanmaken van een talenpaspoort is een makkelijke manier om inzicht te krijgen in de talen die leerlingen actief en passief kennen (hun taalrepertoire). Het talenpaspoort maakt ook visueel duidelijk dat niet iedereen alles in elke taal kan of doet. Het biedt informatie voor uitwisseling met leerlingen en voor het bespreken van de taaldiversiteit in de klas én hoe ermee om te gaan.

STAP 3: ‘Taalbeleid op school’: Het derde deel biedt een online tool aan om een schoolprofiel op te stellen over visie en omgang met meertaligheid in het schoolteam. Op basis van dit schoolprofiel kan het schooltaalbeleid verder ontwikkeld en geïmplementeerd worden.

De online tool ‘Omgaan met taaldiversiteit op school’ bestaat uit 30 stellingen die de leden van het schoolteam individueel moeten beantwoorden. In het eerste deel wordt gevraagd naar persoonlijke meningen over taal en meertaligheid (overtuigingen). Het tweede deel brengt de aanpak in de klas in kaart. Op basis van de online enquête ontvangt de school een rapport waarmee zij haar schooltaalbeleid verder vorm kan geven.

In elk deel (stap 1, 2 en 3) vind je concrete instrumenten en praktijkvoorbeelden uit Brusselse scholen. Het derde deel omvat ook een verzameling activiteiten voor in de klas en op school.

Je kan de poster hier downloaden. De website Brussel Vol Taal kan je hier raadplegen.

Moedertaal, een recht voor kinderen!

Het is weer 20 november… internationale Kinderrechtendag. Ook het spreken van de eigen taal is een recht!

Artikel 30 Eigen taal en cultuur

Kinderen met een taal en cultuur die anders is dan van de meeste mensen in het land worden een minderheid genoemd. Minderheden hebben recht op hun eigen taal, cultuur en godsdienst (Unicef).

…maw kinderen mogen hun eigen godsdienst beleven en naast het Nederlands ook hun eigen taal spreken. De overheid moet ervoor zorgen dat dat kan. Deze kinderen mogen niet slechter behandeld worden omdat ze er misschien anders uitzien of thuis een andere taal spreken.

Meer over kinderrechten kan je hier lezen: Het Kinderrechtenverdrag (meer dan een leestip).

Joachim VANDEVELDE schreef een masterscriptie (2021) onder begeleiding van Prof. Lemmens over dit thema. Hij maakte hierbij een analyse van het recht op onderwijs in het internationaal recht en de openheid ten aanzien van de thuistaal van minderheden.

Kinderen met een andere thuistaal hebben wel een gelijkwaardige toegang tot onderwijs, maar als zij de onderwijstaal niet machtig zijn kan er nauwelijks sprake zijn van een effectief recht op onderwijs. Hij maakt de vergelijking met personen met een handicap, die ook niet volledig van hun recht op onderwijs kunnen genieten, en de plicht tot aanpassingen op systeemniveau en de plicht tot redelijke aanpassingen op individueel niveau. Zo zou de thuistaal als redelijke aanpassing in het onderwijs binnengebracht kunnen worden ter ondersteuning van de schooltaal, zodat deze kinderen effectief volledig kunnen genieten van hun recht op onderwijs.

Je kan deze masterproef hier downloaden.

Welzijn op het werk voor leraren via no-nonsense meditatie (onderzoek)

In de conclusie van het onderzoek van Van de Velde, Levecque, Weijters en Laureys (*), kan je lezen:

“Deze studie keek naar het effect van gerichte aandachtmeditatie op het welzijn van leerkrachten tijdens COVID-19. Uit de resultaten blijkt dat een paar minuten meditatie per dag, gedurende zes maanden aanzienlijke voordelen oplevert voor emotioneel, cognitief en lichamelijk welzijn. Meditatiebeoefening heeft enerzijds een welzijnsbevorderende impact op emotioneel en lichamelijk welzijn en anderzijds een preventieve impact op cognitief welzijn.”

Leerkrachten staan heel vaak onder druk (onzekerheid, werklast, evenwicht werk-privé, verwachtingen van ouders, gedrag van leerlingen, mentaal welzijn van leerlingen,…) en in de COVID-19-periode was deze druk extra groot. Dit heeft impact op hun welzijn (stress, burn-out, depressie, angst,…). De onderzoekers wilden nagaan of meditatie kan helpen om het ‘welzijn op het werk’ bij leerkrachten te verbeteren. Ze kozen hiervoor een toegankelijke mindfulness-techniek, nl. gerichte aandachtmeditatie, en pastten dit toe bij 241 leerkrachten uit 84 scholen uit Vlaanderen en Brussel (waarvan er 42 leraren in de controlegroep zaten).

De onderzoekers keken naar drie vormen van welzijn:

  • emotioneel welzijn (oa stress, emotionele vermoeidheid)
  • cognitief welzijn (oa aandacht en concentratie, omgaan met informatie)
  • lichamelijk welzijn (oa spier-, nek- en rugklachten, slaapproblemen)

Deze drie welzijnsdimensies werden onderzocht voor, tijdens en na het meditatietraject.

De gerichte aandachtmeditatie-sessies gingen elke ochtend door op school samen met de leerlingen: (1) creëren van een rustige plek (bijvoorbeeld gesloten deur en gordijnen, gedimd licht, rustgevende muziek), (2) gaan zitten op de vloer of een stoel met de voeten stevig op de grond en een rechte rug, en (3) de ogen sluiten. Na deze voorbereidingen, kon de meditatiesessie beginnen. Een audiobestand begeleidde de deelnemers en legde uit wat ze op verschillende punten tijdens de sessie moesten doen (langzaam diep ademhalen > adem terug naar natuurlijke ritme > concentreren op de fysieke sensatie van de ademhaling > bewust worden van mentale afleiding > focus weer op de ademhaling richten). De leraren werden ook aangemoedigd om nog aanvullend meditatie te beoefenen.

De onderzoekers beseffen dat dit soort studie ook belangrijke beperktheden inhoudt, zoals bijvoorbeeld de vrijwillige deelname van de leerkrachten, de periode waarin het onderzoek plaatsvond (COVID-19),… Wel zien we in andere internationale onderzoeken gelijkaardige resultaten (bv. het grootschalige Myriad-onderzoek).

Tenslotte zijn er een aantal belangrijke voordelen bij de implementatie van gerichte aandachtmeditatie op de werkplek: het invoeren van meditatie is niet duur; het is tijds- en plaatsonafhankelijk; het kan zowel individueel als in groep beoefend worden en het kan complementair aan om het even welk ander verander- of professionaliseringstraject toegepast worden.

(*) Van de Velde J, Levecque K, Weijters B, Laureys S (2023) Doing what matters in times of stress: No-nonsense meditation and occupational well-being in COVID-19. PLoS ONE 18(11): e0292406.

De Scholierenstem en grootstedelijke thema’s

Maandag 13 november 2023 publiceerde de scholierenkoepel een nieuw rapport: “De Scholierenstem”. Ik berichtte op deze blog al over eerdere rapporten “Het Scholierenrapport” (2016), “De Stem van Scholieren” (2019) en “Het Scholierenrapport” (2022).

Voor “De Scholierenstem” werden meer dan 20.000 leerlingen bevraagd in Vlaanderen en Brussel (3% zit op school in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest – ondervertegenwoordigd in deze bevraging!). Naast de cijfers is vooral het verhaal achter de cijfers heel boeiend om te lezen (memorandum).

De leerlingen konden oa 5 thema’s kiezen die zij als onderwijsminister het eerst zouden aanpakken. Mentaal welzijn staat hoog bovenaan, gevolgd door de manier van lesgeven, racisme, kansarmoede en leerinhouden. Ook in 2016 was mentaal welzijn al een belangrijk thema voor de scholieren (“Mentaal in evenwicht over omgaan met stress, burn-out en prestatiedruk”).

Naast de top 5 komen in het onderzoeksrapport ook volgende thema’s aan bod: inspraak van leerlingen, betaalbaar onderwijs, wat we leren op school, welbevinden, leerkracht, diversiteit en de ideale school. Ik selecteerde hieronder enkele thema’s die extra belangrijk zijn in een grootstedelijke omgeving

Mobiliteit en verkeersveiligheid

  • De meeste scholieren (57%) gaan het vaakst van en naar school met de fiets. Voor de 385 Brusselse scholieren is de tram/metro het meest populaire vervoermiddel van en naar school. 53% van de Brusselse scholieren gebruikt de tram/metro het meest om van en naar school te gaan.
  • De meeste scholieren geven aan dat ze de buurt rondom hun school verkeersveilig vinden (62%). 34% van de leerlingen vindt de schoolbuurt niet verkeersveilig (bij Brusselse leerlingen is dit 37%).

Thuistaal

  • Bij de vraag ‘In welke mate vind je dat er in de klas naast het Nederlands ook aandacht moet zijn voor de thuistaal van scholieren?’, pleiten 35% van de bevraagde scholieren voor meer aandacht voor de thuistaal in de klas (bij de bevraagde Brusselse scholieren 33%). Leerlingen met een andere thuistaal antwoorden anders op deze vraag: 45% van deze groep wil meer aandacht voor de thuistaal in de klas.
  • 44% van de scholieren vindt dat er op de speelplaats aandacht moet zijn voor de thuistaal van leerlingen. Bij leerlingen met een andere thuistaal is dit 55% en bij Brusselse leerlingen 51%.

Schoolvakanties

  • 69% van de scholieren hebben de voorkeur voor de huidige vakantieregeling (= een herfst- en krokusvakantie van één week en een lange zomervakantie).
  • Van de 384 Brusselse scholieren is 61% het meest fan van de huidige vakantieregeling, 32% verkiest de vakantieregeling van het Franstalig onderwijs.

Leerachterstand

  • 29% van de bevraagde scholieren heeft het gevoel een leerachterstand te hebben door het lerarentekort en door de coronacrisis. Bij scholieren die school lopen in Brussel is dit gevoel van leerachterstand 38%.
  • Ongeveer 1 op de 2 scholieren (47%), die aangeeft een leerachterstand te voelen, maakt zich zorgen over die leerachterstand.

Diversiteit leerkrachtenteam

  • 44% van de scholieren herkende zichzelf nog nooit in een leerkracht. Bij scholieren die thuis naast het Nederlands ook een andere taal spreken, is dat 51%. Voor leerlingen met 1 of meerdere ouders met een niet-Europese nationaliteit, is dit 54%.

In het onderzoeksrapport worden nog heel wat andere thema’s op een genuanceerde manier besproken (pesten en grensoverschrijdend gedrag, inclusie, digisprong, smartphone op school, afstandsleren, levensbeschouwing, stress, seksuele en relationele vorming, betaalbaar onderwijs…).

In het memorandum lees je inspirerende citaten en belangrijke beleidsadviezen over de verschillende thema’s die in het rapport aan bod komen:

  1. Mentaal welzijn van scholieren
  2. De manier van lesgeven
  3. Racisme in het secundair onderwijs
  4. Scholieren in kansarmoede
  5. Wat we leren op school
  6. Inspraak van leerlingen
  7. Pesten en ander grensoverschrijdend gedrag op school
  8. De leerkracht
  9. Diversiteit op school
  10. De ideale school

Je kan het onderzoeksrapport hier raadplegen en het memorandum hier.

Op woensdag 17 januari 2024 organiseert het Onderwijscentrum Brussel samen met de Vlaamse Scholierenkoepel een Actiedag leerlingenparticipatie Lager Onderwijs voor Brusselse scholen. Meer informatie en inschrijven kan via deze link.

Stille zones op school? (Raad VGC, 10 november 2023)

Op de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie van 10 november 2023 kwam oa een onderwijsvraag aan bod over ‘het belang van momenten van stilte op school’ en ‘de creatie van stille zones’. Het is zeker een waardevol thema dat ook als advies aan bod komt in het rapport Brinckman: Advies 8 Creëren van een rustige, veilige en overzichtelijke school- en klasomgeving: “Regelmaat en rust zijn basisvoorwaarden voor groei. Een rustige, veilige en overzichtelijke school- en klasomgeving biedt de noodzakelijke voedingsbodem voor de cognitieve, affectieve en sociale groei van de leerlingen”.

Collegelid Gatz benadrukt in zijn antwoord dat bijkomend onderzoek nodig is rond dit thema om de juiste keuzes en beslissingen te kunnen maken. Niettegenstaande heeft de VGC de voorbije jaren de ambitie getoond om duurzame, kwaliteitsvolle en multifunctionele schoolgebouwen te realiseren. Duurzaamheid betekent niet enkel energiezuinig, maar ook op een duurzame manier omgaan met akoestiek. Het bouwen van een prettige leef- en leeromgeving voor leerlingen en leerkrachten is een belangrijke doelstelling.

Naast de grote bouwprojecten verwijst het collegelid ook naar de kleinere projecten zoals ‘Renovatie leraarskamer’ (creëren van rust tijdens lesvrije momenten), ‘Renovatie refter’ (creëren van een rustige eetomgeving), ‘BuitenSpel’ (creëren van speelplaatsen met stille zones), ‘mobiele leesmeubels’ (creëren van een rustige leesomgeving),… Scholen kunnen voor deze projecten een financiële ondersteuning van de VGC krijgen en ook gebruik maken van de pedagogische ondersteuning van het OCB, MOS en de expertise van FIX,…

Tenslotte geeft het collegelid aan dat er nog geen richtlijnen van Vlaanderen zijn over luwteplekken, maar er zijn heel wat inspirerende instrumenten, leidraden en literatuur beschikbaar.

Je kan het volledig debat lezen in dit verslag.

Een overzicht van alle onderwijsdebatten in de VGC Raad vind je hier.

Eén keer goed ademhalen…

Ademhaling is een essentieel onderdeel van yoga, meditatie en mindfulness (zie ook Pranayama op school en in de klas).

Van alle fysiologische systemen in ons lichaam is de ademhaling het enige dat we bewust kunnen controleren. Ademhaling heeft invloed op ons zenuwstelsel en kan zo helpen om tot rust te komen en te herstellen. Het vermogen om onze eigen ademhaling te reguleren, stelt ons in staat om impact te hebben op ons fysiek en mentaal welzijn, op hoe we ons voelen, hoe we reageren,… Het enige dat nodig is, is aandacht en oefening.

Bovendien kan een slechte ademhaling leiden tot heel wat problemen: slaapproblemen, slechte focus, weinig energie, verminderd uithoudingsvermogen en kracht, hoofdpijn, trage lichaamsfuncties, verminderde fijne motoriek,… Allemaal elementen die belangrijk zijn bij leren en ontwikkelen.

Aandacht voor en oefenen van de ademhaling kan bijvoorbeeld tijdens de vele transities doorheen een schooldag (lees er hier meer over).

« Overweeg dit. Eén goede ademhaling zorgt ervoor dat een kind mentaal en fysiek kan ontspannen. Eén keer goed ademhalen zal een kind leren even te pauzeren voordat hij reageert. Eén goede ademhaling zal een kind helpen zijn woede los te laten. Eén goede ademhaling verbetert de focus van een kind. Als één goede ademhaling een kind kan helpen dit alles te bereiken, stel je dan eens voor wat een leven lang goed ademen zal doen. » – Yoga 4 Classrooms.

De ‘Let’s Breathe’ Yoga 4 Classrooms-kaarten bevatten negen ademhalingstechnieken die je met je leerlingen kan gebruiken. Drie voorbeelden:

  1. Bumble Bee Breath
  2. Power Breath
  3. Balloon Breath

De kaartenset van Yoga4Classrooms kwam ook al aan bod in dit blogbericht: Yogatussendoortjes, stoelyoga in de klas. Meer materialen en info over Yoga4Classrooms vind je op hun uitgebreide website.

Via de LEESWIJZER yoga, meditatie en mindfulness op school en in de klas vind je makkelijk je weg in de berichten over dit thema.

Omgaan met het leerkrachtentekort in Brussel, vandaag en morgen

Het leerkrachtentekort kwam al vaak aan bod op deze blog (oa Brussel zoekt stadsbekwame leerkrachten, 10 voorstellen, 2022). Het thema blijft voor Brussel een grote uitdaging. Vandaag worden heel wat initiatieven ontwikkeld om urgente noden op te vangen. Tegelijkertijd moet er op zoek gegaan worden naar duurzame strategieën om in de toekomst meer stabiele schoolteams in de Brusselse scholen te creëren.

Ik beperk me in dit blogbericht tot maatregelen op het niveau van de lokale schoolgemeenschap. Daarnaast blijven ook de bovenlokale maatregelen cruciaal om tot duurzame oplossingen te komen (bv. verdere ontwikkeling van het beleid rond zij-instromers, (op)waardering van het leerkrachtenberoep, loopbaanpact, scholieren warm maken voor het leerkrachtenberoep, studenten in opleiding voorbereiden op grootstedelijk onderwijs, inzetten op kwaliteitsvolle en flexibele lerarenopleidingen, zorgen voor kwaliteitsvolle nascholing en begeleiding,…).

Het Onderwijscentrum Brussel wil blijven luisteren naar schoolteams en vanuit haar expertise en mogelijkheden zoeken naar antwoorden voor vandaag en morgen.

Inspelen op urgente noden

Bij het nemen van initiatieven om in te spelen op urgente noden, moeten we ons de vraag stellen: (1) Wat hebben we nodig om kwaliteit te blijven bieden? (2) Hoe maken we werk van de leernoden van de leerlingen?

Verder is het ook goed om de lokale schoolgemeenschap te betrekken en eigenaarschap te geven bij de zoektocht naar antwoorden en oplossingen (bestuur, schoolteam, leerlingen, ouders, partners). Zo creëren we draagvlak, maar ook verantwoordelijkheid. Er zullen ook momenten zijn dat het niet lukt, dat er geen oplossing is. Het is belangrijk om dit open te bespreken met alle betrokkenen.

Enkele pistes…

  • Aanwervingsstrategie (bv. van je school een unieke werkplek maken; eigen leerkrachten inzetten als ambassadeur; wervingsreserve aanleggen; krachtige aanvangsbegeleiding)
  • Organisatorische ingrepen (bv. uitbouwen van persoonlijke werktijd; ondersteunende taken opnemen in samenwerking met ouders; leerlingen anders groeperen)
  • Inhoudelijke bijsturingen (bv. aan de slag gaan met extern ontwikkelde lesmaterialen; niet-prioritaire projecten afbouwen; werking blended learning opzetten)
  • Aan de slag met lokale partners, studenten en ouders (bv. netoverschrijdend samenwerken met andere scholen, schoolinterne tutoren inschakelen; samenwerken met studenten)

Lees meer voorbeelden op deze fiche van Onderwijscentrum Brussel.

Werk maken van een lange termijn aanpak

Op langere termijn is het belangrijk om als school na te denken over een organisatie en werking die tegemoet komt aan de noden van leerkrachten in Brussel gekoppeld aan het bieden van kwaliteitsvol onderwijs.

Hieronder enkele belangrijke concepten die kunnen bijdragen tot het creëren van stabiele schoolteams…

  • Flexibel werken kan het welzijn, de werktevredenheid en de motivatie van leerkrachten verbeteren. Flexibel werken is veel meer dan niet voltijds werken. Denk ook aan: thuiswerk, creëren van evenwicht tussen lesopdracht en vrije uren, co-teaching-momenten, verlengde schooldag,… Het is voor scholen niet evident om hierrond een beleid te ontwikkelen, maar een proactieve, schoolbrede benadering in samenwerking en overleg met de volledige schoolgemeenschap kan toch succesvol zijn. (zie review via EEF)
  • Werkdruk (en/of planlast) is een belangrijke reden om het leerkrachtenberoep te verlaten. Uit onderzoek blijkt dat op scholen met meer strategieën om de werkdruk te verminderen, de leerkrachten een positievere kijk hebben op werkdruk en een grotere werktevredenheid ervaren. (zie review via EEF)
  • Leiderschap is een belangrijke hefboom om leraren op scholen te motiveren en te houden. Concreet gaat het dan bijvoorbeeld om voldoende aandacht voor de ontwikkeling en ondersteuning van leraren, het bevorderen van collegialiteit of het creëren van een positief schoolklimaat. (zie review van EEF)
  • Werkbaar werk zorgt ervoor dat personeelsleden meer plezier hebben in het werk, meer leren, langer aan de slag blijven en minder vaak ziek zien. Werkbaar werk creëert een werkomgeving met permanent aandacht en zorg voor volgende pijlers: werkplezier, een goed evenwicht tussen werk en privé, voldoende professionaliseringsmogelijkheden én een aanvaardbare werkstress. (zie website werkbaar werk)
  • Professionele identiteit is binnen de huidige onderwijscontext een belangrijk element. Onderwijsbeleid en onderwijsmanagement kunnen de autonomie, keuzevrijheid en betrokkenheid van leraren uithollen. Leraren zijn op zoek naar betekenis, naar de koppeling van hun persoonlijke missie (levensdoelen, waarden) aan hun professionele rol. Het verbinden van deze twee elementen geeft leraren meer veerkracht, maar kan ook bijdragen tot het duurzaam kiezen voor onderwijs. (zie professionele identiteit bij startende leerkrachten – onderzoek)
  • Aandacht voor schoolcultuur en bouwen aan een uniek pedagogisch project, zijn de hoekstenen van een aantrekkelijke school. Het verbindt leraren, leerlingen en ouders met de school en met elkaar. (zie De noden van kinderen en jongeren in de stad moeten het pedagogisch project van elke Brusselse school kleuren)
  • Motivatie komt niet vanzelf, maar moet gecreëerd worden. Leerkrachten zijn gemotiveerd als ze over de autonomie beschikken om hun opdracht kwaliteitsvol in te vullen, als ze zich verbonden voelen met de school en de leerlingen en als ze zich competent voelen om hun opdracht succesvol op te nemen. (zie zelfdeterminitatietheorie) 

Bovenstaande elementen zien we regelmatig in onderzoek terugkomen. Én we stellen ook positieve evoluties vast in scholen die investeren in deze verschillende luiken…

LEESWIJZER leestips

Op deze blog heb ik al heel wat leestips meegegeven. Om die makkelijk terug te vinden, verzamel en structureer ik ze in onderstaand bericht… (de datum verwijst naar het jaar van het blogbericht, niet naar het jaar van het boek):

  • (1) Onderwijs algemeen;
  • (2) Leren en lesgeven;
  • (3) Taalonderwijs en meertaligheid;
  • (4) Diversiteit;
  • (5) Verbindend klimaat;
  • (6) Ouderbetrokkenheid;
  • (7) Leiding geven in onderwijs;
  • (8) Begeleiding en ondersteuning;
  • (9) Brussel;
  • (10) Yoga, meditatie en mindfulness.

1. Onderwijs algemeen

2. Over leren en lesgeven

3. Taalonderwijs en omgaan met meertaligheid

+ Bronnen voor goed taalonderwijs in een grootstedelijke en meertalige context – 2022

4. Diversiteit

+ Bronnen over armoede en onderwijs in een grootstedelijke en meertalige context – 2022

5. Verbindend leer-, klas-, schoolklimaat

6. Ouderbetrokkenheid

+ Bronnen voor een goede ouderwerking in een grootstedelijke en meertalige context – 2022

7. Over leiding geven in onderwijs

8. Begeleiding en ondersteuning

9. Brussel

10. Yoga, meditatie en mindfulness

en ook…